Tja…..

Zoals de meeste kinderen het gedachtegoed van hun ouders jarenlang koesteren, koesterde ik het linkse gedachtegoed van mijn ouders, ook jarenlang.
En of het nou e.o.a. geloof was of ’n politieke stroming; wat jouw ouders vonden vond jij ook, je was er van overtuigd dat dat goed was. Sterker nog, je vroeg je over ’n andere mogelijkheid domweg niets af.
Mijn vader wordt nog steeds geciteerd, hij zei ooit: “Als blijkt dat de PvdA nog maar één lid heeft, ga er dan maar vanuit dat ik dat ben.”
Gelukkig dienen de jaren des onderscheids zich ongevraagd aan en word je in de gelegenheid gesteld zelf ’n mening te vormen en dat wil nog weleens leiden tot nieuwe verhelderende inzichten. De wereld verandert waar je bijstaat dus enige introspectie is mooi meegenomen!
Ik moest daar aan denken toen ik, bij ’n cartoon van onze minister president, ’n reactie las van F. Rmr en die vond ik dermate bijzonder dat ik die met jullie wil delen.
(Ik heb toestemming. Het is ook niet van haar eigen hand en jammer genoeg weten we niet van wiens hand wel. Mocht je het weten; vertel.)

“Ik kocht een vogelvoederbakje. Ik hing het op mijn achterbalkon en vulde het met zaad. Wat een mooi vogelvoederbakje dacht ik, toen ik het liefdevol vulde met zaad. Binnen een week hadden we honderden vogels, gebruik makend van de onafgebroken stroom van vrij en gemakkelijk bereikbaar voedsel. Maar toen begonnen de vogels nesten te bouwen in de holtes van het balkon, boven de tafel en naast de barbecue.
Toen kwam de poep. Het was overal: op het tegelterras, de stoelen, de tafel, overal! Toen werd ‘n aantal van de vogels vervelend. Ze maakten duikvluchten en probeerden mij te pikken, zelfs al had ik ze uit mijn eigen zak gevoed. Andere vogels waren onstuimig en luid. Ze zaten op het vogelvoederbakje en krijsten en schreeuwden tegen me. Alle uren van de dag en nacht en eisten ze dat ik het moest vullen als het voedsel bijna op was. Na een tijdje kon ik zelfs niet meer zitten op mijn eigen balkon achter het huis. Dus ik nam het vogelvoederbakje weg en in drie dagen waren de vogels verdwenen. Ik heb hun rommel opgeruimd en haalde de vele nesten die ze overal op het balkon hadden gebouwd weg. Al snel was het achterbalkon weer als vroeger. Stil, rustig…. en niet een kwam nog op voor hun recht op een gratis maaltijd.
Laten we nu eens zien. Onze regering geeft gratis eten, sociale woningbouw, gratis medische zorg en gratis onderwijs, en laat iedereen die hier is geboren automatische bewoner zijn. Toen kwamen de illegalen met tienduizenden. Plotseling gingen onze belastingen omhoog voor gratis diensten; kleine appartementen voor vijf gezinnen; je moet nu 6 uur wachten voor een spoedeisende hulp arts; uw kind uit groep 4 is achter met andere scholen, omdat meer dan de helft van de klas geen Nederlands spreekt. Ik moet op ‘Druk op één’ drukken om mijn bank in het Nederlands tegen me te horen spreken. Daarnaast wapperen mensen met vlaggen, lopen schreeuwend door de straten en eisen meer rechten en gratis vrijheden. Misschien is het tijd voor de overheid om de voederbakjes weg te nemen. Als je het hiermee eens bent, geef het door, zo niet… ga gewoon verder met het schoonmaken van de poep.”

Natuurlijk ben ik niet 180° óm, hier en daar zal het ook ietsepietsie overtrokken zijn en zullen er steekhoudende tegenargumenten genoeg zijn, chargeren zit de mens in het bloed, zeker als diezelfde mens ontstemt is, maar toch………….
Op deze manier heb ik het nog niet bekeken. En als je hebt geprobeerd alle misstanden in de wereld te begrijpen, en dat is niet gelukt, kun je niet anders dan je achter je oor krabben en denken; sodeju………..
Arme vogels, of arme ik…..?
Ik ben er nog niet uit.

M Rutte

Advertenties

Wel of toch niet…..

Zou dat typisch Nederlands zijn; je als ’n terriër vastbijten in dat wat de voorpagina’s van de kranten haalt?
We halen er uit wat er inzit, dat sowieso. Krijgen er niet genoeg van!
Hebben we net de heiligverklaring van M. v/d Weijden achter de rug;
de met een aan alle zekerheid grenzende waarschijnlijke dader van N. Verstappe; en dan nu weer de twee Armeense kinderen die niet in Nederland mogen blijven maar naar Armenië worden uitgezet, waar hun moeder woont. Álle media zitten er bovenop; je hoort tíg keer hetzelfde.

Vanmorgen was er op de radio (NPO1) ’n poll; 60% van de stemmers was voor uitzetting – 40% tegen.
Hoe meer het programma zijn einde naderde en ik dus heel veel voor’s en tegen’s had gehoord, hoe meer ik begon in te zien dat uitzetting wellicht toch gerechtvaardig is.
Er wordt sowieso schromelijk overdreven als het gaat om de beschadigde kinderzieltjes, daar zijn we ook goed in; huilen met de wolven in het bos.
Niets zo flexibel als kinderen, ik weet dat kinderen zich razendsnel aanpassen. Mijn vriendin zat in de kinder- cq. jeugdzorg en wij hebben ons méér dan eens verbaasd over het aanpassingsvermogen van kinderen.
De moeder zou ook in psychische nood verkeren; ja allicht, als ik mij probeer voor te stellen dat mijn kinderen mijlenver weg in ’n ander land zouden verblijven, op ’n leeftijd dat ze mij nodig hadden, zou ik ook instorten!
De kinderen zouden, eenmaal terug in Armenië, dat overigens de status ‘gevaarlijk land’ achter zich heeft gelaten, terechtkomen in ’n weeshuis met alle ellende van dien. Rijst bij mij, maar bij velen, onmiddellijk de vraag: Familie van vader of moeder? Niet aanwezig? Grootouder(s) wellicht? Goede vrienden met de bereidwilligheid de kinderen liefdevol op te nemen?
En als de moeder haar kinderen terug weet in haar onmiddellijke nabijheid knapt ze op, d.w.z., ik zou de hemel te rijk zijn en daar heel veel energie uit putten. Iedere moeder!!!
De taalbarrière, ook zoiets. Als ik, als 8/9 jarige, veertien dagen bij vrienden van mijn ouders in de Achterhoek had gelogeerd sprak ik vloeiend Achterhoeks. Kinderen leren razendsnel.

En wat is het alternatief?
’n Moeder ver weg met ’n kans zo goed als nihil dat het beter met haar zal gaan?
Twee kinderen in ’n land waar ze geen familie hebben?
O ja, iedereen hier in Nederland draagt ze ’n warm hart toe, maar we blijven vreemden. Familie trekt altijd, al zijn de omstandigheden waaronder je verblijft nog zo gunstig.

Als het doorgaat hoop ik oprecht dat we ‘straks’ horen dat het uitstékend met Howick en Lili gaat, in Armenië, en ze met plezier terugdenken aan hun verblijf in Nederland!!!

ScreenHunter_682 Aug. 28 12.29

We schrijven 24 augustus 2018.

Vandaag, 24 augustus, is de geboortedag van mijn lief. Mijn liever dan lief…
Bijna elf jaar geleden hebben we afscheid moeten nemen en wie zegt dat het went weet niet wat hij, of zij, zegt; het went absoluut niet.
Was het maar zo…
Het schrijnt met de jaren meer en meer. Misschien omdat je minder onderneemt en die lege plek alsmaar groter schijnt te worden.

Verdriet schuurt aan tegen medelijden met jezelf.
Ík moest dat wat mij zo lief was afstaan. Ík moet het doen zonder dat wat mijn leven vulde met warmte, aandacht en liefde.
Oprechte liefde.
Voor mijn lief is de situatie exact zoals die was voor hij geboren werd.
Hij lijdt niet en is niet afhankelijk van de zorg van anderen; hij is er niet meer.
Wat had ik dan gewild?
’n Man om mij heen die mij niet meer kende? ’n Man in ’n rolstoel? ’n Man voor de rest van zijn leven aan bed gekluisterd?
Nee natuurlijk niet!
Natuurlijk gun ik hem de rust maar wat is het soms moeilijk.
Dan maar medelijden met mezelf.
Ik sta mezelf toe verdriet te hebben, verdriet om zijn er niet meer zijn, zijn altijd en overal aanwezig zijn. Zijn zijn……… ik mis het zo verschrikkelijk.

Morgen is het vast weer anders.
Gebeurt er weer iets leuks, iets hartverwarmends.
Natuurlijk gebeurt dat.
En dan heb ik er ook weer oog voor.
Ik weet het zeker.
Geloof ik…

Opgeven mag!

Aanvankelijk stond ik er sceptisch in, in de zwem-elfsteden-tocht van Maarten van der Weijden.
Moest dat nou, zo extreem?
Dat impliceerde toch ellende, martelaarschap, afschuwelijke beelden van ’n man die letterlijk en figuurlijk aan het einde van zijn kunnen zou zijn?
Mensonterend over de eindstreep zou worden geschreeuwd en gefloten? Met motiverende en opbeurende teksten op spandoeken om hem de laatste meters door te helpen?
Ik raakte bij de gedachte al in ’n soort paniek.

’n Week zwemmen, en tussendoor normaal eten, drinken en slapen, was toch ook ’n prestatie?
Drie dagen aaneengesloten in water doorbrengen, tweehonderd kilometer je door het water voortbewegen; dan vraag je toch om ellende?
Ik vond het zelfs onverantwoord. Hij heeft ’n vrouw en twee kleine kinderen, stel dat het verkeerd afloopt dacht ik, dat zijn hart het begeeft….. eigenlijk wilde ik er helemaal niet over nadenken.
Was het nou zó’n narcist, zó’n egocentrische zichzelf overschattende einzelgänger, dat hij alle risico’s op de koop toe nam? Eerst Maarten van der Weijden, dan ’n hele tijd niks, en dan de rest van de wereld?

Gelukkig is het goed afgelopen.
Gelukkig heeft hij het opgegeven.
Gelukkig ja, daar heb ik iets moois in gevonden.
Opgeven is voor kankerpatiënten not done; je geeft niet op. Je blijft tot het eind strijdlustig en je vecht voor je leven. Kom op nou! Je gooit het bijltje er toch niet bij neer!?
………….
Maarten wel.
En dat dus vond ik mooi. Laten zien dat opgeven óók ’n optie kan zijn. Al ben je nog zo ‘sterk’, al wil je het nog zo graag tot ’n goed einde brengen; opgeven mag!!
Ik vind het moedig dat hij aan heeft durven geven waar zijn grenzen lagen.
Je wordt, met name in overlijdensadvertenties, de hemel in geprezen als je tot het laatst gevochten hebt, als je letterlijk strijdend ten onder ben gegaan, dan ben je kennelijk sterk.
Ik vind Maarten ook sterk en er is naar mijn idee hélemaal niets verkeerd aan opgeven.
Sterker nog, het troost mij.
Respect Maarten!
En als ik het straks welletjes vind mag ik het ook opgeven, en dan hoop ik dat, het respect dat jou nu, helemaal terecht, ten deel valt, mij ook ten deel zal vallen.
Handen van Maarten

Dierenleed.

Min of meer onvrijwillig naar “Onze boerderij” gekeken, zondagavond 10 juni, NPO1, de laatste aflevering hoorde ik later.
Ik ben geen veganist, dat lijkt mij ook niet gezond. We zijn nou eenmaal omnivoren en omnivoren gedijen het best bij variatie.
Maar we zijn zo verschrikkelijk doorgeslagen!

Als je toch zag hoe ‘n zeug, in ’n overigens brandschone omgeving, bijna klem tussen ijzeren stangen, haar jongen lag te voeden; het was werkelijk niet om aan te zien.
Biggetjes dus, die vijf tot zeven weken nadien al worden geslacht en door ons opgegeten…..
Geeft niks, de zeug wordt vervolgens kunstmatig geïnsemineerd en werpt na verloop van tijd weer 10 tot 15 biggetjes, tussen de stangen in ’n cleane ruimte, en ’n stoïcijnse boer die er van overtuigd is dat hij het goed doet. Het beste met ze voor heeft…..

’n Geitenfokbedrijf, werkelijk ontélbare geiten, ’n bevalling, kleine geitje wordt onmiddellijk bij de moeder weggehaald. En de manier waarop…..

Het bijna routinematig met keizersneden afkalven bij koeien. Vleesveehouders passen maatregelen die leiden tot natuurlijk afkalven bij vleesvee onder andere niet toe omdat de sector die extra kosten moet opbrengen en niet kan doorberekenen aan de consument.

Op Texel stierf ’n schaap vlak nadat ze haar lammetje had geworpen; hoe de mensen daaromheen daarop reageerden; zombies!! Het lam leek gezond en “we moeten door”.

’n Veehouder die ’n deel van zijn drachtige koeien moest laten afvoeren naar het abattoir; milieumaatregel. (Zou genoegen nemen met de helft minder koeien helpen?)

Boer Jan, zonder opvolger, maar had daar totaal geen moeite mee. Jan: “Ik heb geen binding met dieren.” Interviewster: “Geen binding met dieren?” Jan: “Nee nee nee, het is voor mij ’n manier van broodwinning.” Interviewster: “Het is gewoon business bedoel je?”

Het is weerzinwekkend bedoel je!
En dan is dit maar ’n hele kleine greep uit al die misstanden die plaatsvinden om dat karbonaadje op ons bord te doen belanden. Wat te denken van al die gruwelijke transporten, veel te volle stallen met weinig tot geen kans om rampen zoals brand te voorkomen?
En wat voelen we ons verheven boven dieren die, na te zijn bereid, onze smaakpapillen bevredigen. Wat zullen we ons druk maken!? Het zijn maar dieren…..

Nogmaals, ik ben, en word, geen veganist, maar kan het wat minder allemaal?
Wie zijn wij dan wel dat we menen te weten dat ’n mens nou eenmaal hoger aangeschreven staat dan ’n dier?
Dieren hun rechtmatige vrijheid teruggeven en eventueel opeten nadat ze ’n mooi leven hebben geleid; behoort dat ook tot de mogelijkheden?

Ik hoop dat de wal het schip keert, m.a.w., dat we ómkomen in de mest met alle desastreuze gevolgen van dien, dat we, hoe dan ook, tot maatregelen nemen worden gedwóngen om dit leed voor al die dieren te verzachten,
Het is zó schaamtevol……………

Als abattoirs glazen muren hadden.....

 

 

 

 

 

 

Familiekroniek.

blunder-oops

Het leek mijn dochters leuk als ik ‘n soort familiekroniek zou schrijven. “Nu kan het nog!”, werd er voorzichtig edoch nadrukkelijk bij vermeld. Het hoefde chronologisch niet te kloppen en vergeten data zouden mij ook niet kwalijk worden genomen.

Leuk!

Ik begon voorzichtig, wist niet goed hoe dat aan te pakken, maar gaandeweg liep ik ’n soort leeg en verbaasde het mij wat ik allemaal nog wist. Het moest gaan over mijn jeugd, over de jeugd van mijn ouders en schoonouders, en zo mogelijk leuke anekdotes m.b.t. grootouders. Het liefst tot dáár waar ze het zelf wel in konden vullen. Ik vertelde dat het 22 pagina’s (relatief kleine lettertjes) waren geworden en de reacties daarop waren verrassend.

Ik printte het, perforator opgezocht, door de gaatjes ’n ijzerdraadje en zo kon ik het, dacht ik, ieder moment van de dag pakken om even over te lezen zonder mijn laptop lastig te vallen. Toen het aldus naast me op de bank lag en ik het kritisch bekeek, dacht ik, er moet ’n leuke 1e pagina komen, ‘n vóórpagina. Al is het maar het woord ‘FAMILIEKRONIEK’ in grote sierlijke letters. De mogelijkheden zijn wat dat betreft legio. Maar ook ’n leuke láátste pagina! Dat lukte, ik was tevreden, wilde het opslaan en wat ik toen gedaan heb…..

Er werd gevraag of ik het document wilde vervangen. Dat wilde ik wel, er moesten immers 2 nieuwe pagina’s, ’n voor- en ’n achterpagina, aan worden toegevoegd!? Ook dat lukte weer, ware het niet dat die 2 nieuwe pagina’s, het bestaande document in z’n geheel hadden VERVANGEN. Alles weg, alle 22 pagina’s, vervangen door 2 zo goed als lege pagina’s.

De geprinte versie werd ’n kostbaar kleinood. Dat was het enige dat ik nog had. Ik bel onmiddellijk mijn broer, mijn steun en toeverlaat bij schier onoplosbare PC problemen en hij zegt, troostend, niks aan de hand. Stop ‘n USB-stickje in je printer, het hele document één voor één op de glasplaat, laad alles op dat stickje en kom dat brengen, maak ik er weer tekst van die je op kunt slaan. Zoiets. Voor ik hem belde had ik al gekoekoeld of terughalen van verwijderde word-documenten mogelijk was. Dat was het wel, maar dan moest je speciale software downloaden en daar snapte ik, uiteraard, geen balletje van. Dat vertelde ik mijn broer maar volgens hem was dat alleen mogelijk als je documenten had verwijderd, niet als je ze had vervangen.

So far so good.

Gelukkig had ik ’n geprinte versie!!!, alleen ja, daar had ik, met rode stift, in zitten veranderen. Alinea’s omcirkeld, en verwezen naar andere pagina’s (voor de toch broodnodige chronologie) enz. en volgens mijn broer wierp dát zijn hele plan omver. Hij wilde het ’n soort ‘fotograferen’ begreep ik en dan zou het weer geprint kunnen worden, maar ja, helaas, als ik er met ‘n rode stift in had zitten knoeien werd het de meer dan bekende ‘mission impossible’.

Geeft niks. Ik ben al begonnen, 3 pagina’s per dag heb ik mij voorgenomen. ’n Wéék, en al het leed is geleden. ’n Week + 1 pagina om precies te zijn. Heb al 6 pagina’s overgetypt dus nog 5 dagen en 1 pagina te gaan en ik kan het OPSLAAN! Perforeren, lintje er door, én….., ik ben weer ’n díjk van ’n ervaring rijker.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

‘Kunst.’

Kunst

Destijds bevond zich onder mijn vrienden ’n kunstenaar. Woonachtig in ’n kraakpand (verlaten ruimte v.e. onderzoeksinstituut) in ’n overschat en elitair ‘kunstenaars’-dorp.

Eens per jaar was er in dat dorp ’n zg. ‘kunst’-route en uiteraard was de ruimte waar mijn vriend verbleef onderdeel van deze route.

Het heeft hem uitsluitend windeieren gelegd maar dit terzijde.

Alle ‘kunstenaars’ in het dorp kregen (middels die route, 2 dgn) de kans hun scheppingen aan het volk te tonen en uiteraard hebben wij menig ‘atelier’ aangedaan. Al was het maar om na afloop, bij genoemde vriend, onder het genot van ’n hap en ’n snap luidruchtig te evalueren. Daar bewaar ik mooie herinneringen aan, met kampvuren en gitaren………..

Hoe verder de avond vorderde, hoe joliger ons commentaar op al het ten-toon-gestelde, en de conclusie dat veel rijke dames hun frustraties zaten weg te kleien en te verven won als meer terrein. We bereikten zelf het punt dat we het sneu begonnen te vinden; je zult daar maar zitten, in je peperdure villa, niets voor te stellen, en je man maar bakken met geld inbrengen. Je wilt je laten gelden. Je grijpt naar penseel of spatel, en je ziet wel wat er van komt.
Dat hebben we idd gezien, meermalen zelfs.

Mijn ‘kijk-op-kunst’ stelt uiteraard niets voor, ik ben wat je noemt ’n kunst-barbaar, maar als ik kijk naar de ‘kunst’ van ’n paar overigens zeer dierbare kennisjes bekruipt mij toch het gevoel van; ik hoop dat het je héél veel voldoening schenkt, maar ik wil het niet boven m’n bank. En dat geldt niet alleen voor mij; er staan bij genoemde kennisjes, meestal rechtop tegen de muur, rijen dik, al dan niet afgemaakte ‘kunstwerken’, te wachten op….. ja, te wachten op wat…..

Denk niet dat ik het veroordeel, ’t idee! Het gaat volgens zeggen om het gevoel en de voldoening, maar ik probeer de rollen dan om te draaien en ik weet niet of ik mij hierbij zo ‘voldaan’ zou voelen. Of ik er geluk en trots uit zou halen, uit al die meestal rechtopstaande ‘kunstwerken’ achter de bank. Of op de logeerkamer….. zolder…..

DE GOEDE NIET TE NA GESPROKEN!!! Wat te denken van o.a. Henriëtte Hartman (FB), ga maar even kijken, en bij haar staan ze niet achter de bank, wat heet!

Eigenlijk wil ik de mensen die ‘scheppen’ en de windeieren om de oren vliegen ’n hart onder de riem steken. VOORAL DOORGAAN, maar niet verdrietig worden bij de gedachte dat straks je partner of je kinderen het met opgetrokken wenkbrauwen in de kliko doen belanden.